Bureau Transport

     

Op een vliegveld staan meestal de gestationeerde vliegtuigen centraal en eisen alle aandacht op. Dat dergelijk vliegtuigen vaak niet eens vliegen zonder ondersteunende diensten wordt ‘vaak’ vergeten. Met een main runway van ruim 3 km en vele verspreid opgestelde gebouwen is een dienst als Bureau Transport dan al gauw een belangrijke speler. Lange tijd verbleef Bureau Transport ( incl. de Autowerkplaats) buiten de hoofdpoort op locatie M-10 maar na de nieuwbouw vond men een nieuwe plaats naast de brandweer kazerne. Ondanks geplaatst te MVKV was Bureau Transport geen onderdeel van de MLD. Administratief viel het zelfs onder het Hoofdkwartier van het Korps Mariniers te Rotterdam. Aangezien de bemanning bestond uit een mix van mariniers en BDMTD matrozen waren deze matrozen waarschijnlijk de zeer weinige die eveneens werden beëdigd op een mariniers kazerne. Voor de mariniers zelf was Transport een ‘rust’ plaatsing na een operationele tour bij het 1AGGP, etc.. Hierdoor was het aanbod van personeel erg wisselend waardoor Transport erg vaak met personeel’s gebrek kampte en met de riemen moest roeien die ze had.

      

De taken van Transport omvatten alle vormen van transport welke niet specifiek vliegtuig gebonden waren zoals het slepen van bijv. Orions dan wel on base transport van torpedo’s. Uitzondering was de levering van chauffeurs voor de B-post “Bowsers”. Verdere taken omvatten vervoer van de commandant, VIPs, facteur, voedingswagen, Ambulances/ziekenvervoer, zout strooien, vervoer van vliegtuig bemanningsleden op het vliegveld dan wel naar hotels en treinstations in Leiden, Noordwijk en Den Haag. Vooral buitenlandse vliegtuig bemanningen mochten graag een weekend overstaan om na het weekend weer huiswaarts te keren. Het was niet ongewoon een RAF Nimrod bemanning ‘kwijt’ te zijn bij hun hotel in Noordwijk op maandag morgen om ze later terug te vinden in een naburig café. J

      

Een dagelijkse rit was onder andere de NORA bus die de verbinding onderhield van Leiden station naar MVKV en NORA (Noordwijk Radio). Verder werden via de Admiraliteit in Den Haag opdrachten gehonoreerd voor ondersteuning van andere kazernes ten behoeve van Open Dagen, oefeningen, etc. Om dit hele taken pakket te kunnen vervullen had men al die jaren de beschikking over een keur aan personen autos, vracht wagens, ambulances, VW busjes en een touring car van diverse merken en bouwjaren. In de eind jaren tachtig beschikte men tevens over enige Citroens voor bestel werk. Deze “lelijke eenden” werden door de meeste chauffeurs grondig gehaat door hun bekrompen afmetingen en magere uitrusting welker aankoop ongetwijfeld ontsproten was aan de zuinige geesten bij Mindef.

     

Huisvesting van Transport en de Autowerkplaats bevond zich jaren lang in M-10 welke dateerde van de 2e wereldoorlog. Dit ‘gerieflijke’ onderkomen werd o.a. eind jaren tachtig nogmaals gerenoveerd en feestelijk geopend door de commandant. Een echte verbetering was de verhuizing naar een nieuw en modern onderkomen naast de brandweer kazerne binnen het vliegveld.